Mevrouw Hens (94) kijkt uit naar het telefoontje van de Zilverlijn

Mevrouw Mary Hens is 94 jaar. Ze woont in een appartement in Voorburg. Alleen, omringd door haar herinneringen. Wekelijks wordt ze gebeld door de Zilverlijn van het Ouderenfonds. ,,In de grote leegte is dat telefoontje heel welkom.’’

Ze zit vol verhalen. Bevlogen praat ze over haar jeugd in het voormalige Nederlands-Indië. Over haar jaren als onderwijzeres. En over de tijd dat ze met haar man in het buitenland woonde. Inmiddels is ze veertig jaar alleen. Graag vertelt ze over haar drie kinderen en haar kleinkinderen. Haar dochter woont ver weg in Limburg, haar ene zoon in Azië en de andere in Brabant. ,,Hij komt bijna ieder weekend langs. Maar dan hou je toch nog zes dagen over. Dat kunnen lange dagen zijn.’’

Voorheen had ze veel om handen. Zo werkte ze graag in haar bloementuin, in de buurt. Een zelf ontworpen kleurenpracht. ,,Maar nu ik steeds slechter ter been ben, kan ik er niet meer heen. Het zou me ook verdriet doen om te zien dat de boel er onverzorgd bijstaat.’’ Ook ging ze regelmatig uit eten met vrienden en vriendinnen. ,,Daar genoot ik van. Maar als je de negentig voorbij bent, vallen bijna alle leeftijdsgenoten weg. En ik ga niet in mijn eentje naar een restaurant. Dat vind ik niet gezellig.’’

,,Senioren van zeventig en tachtig hebben nog kaartclubjes en spelletjesavonden. Die clubjes hebben zich allang gevormd, dus die zitten niet te wachten op iemand van mijn leeftijd. Begrijpelijk, hoor. Maar daardoor verwateren mijn contacten en worden mijn dagen stil en eenzaam.’’

"Dat belletje is heel welkom"

Ze hecht aan haar mailcorrespondentie met een oude vriend in Australië. Ook is ze blij met de thuiszorg. ,,Toch gaan er dagen voorbij dat ik niemand spreek. Daarom ben ik heel blij als op donderdagochtend de telefoon weer rinkelt en er iemand van de Zilverlijn belt. Want ik kan er echt naar uitkijken om met iemand te praten.

De ene keer hebben we het over iets dat in het nieuws is, de andere keer over een boek dat ik lees. Of over dingen die ik vroeger heb meegemaakt. Ik ben een prater, dus ik vind het fijn om mijn verhaal kwijt te kunnen. Soms blijft het bij kletsen, de andere keer gaat het gesprek de diepte in en bespreken we dingen die er wezenlijk toe doen. Als ik dan na een half uurtje de telefoon neerleg, heb ik het idee dat iemand écht interesse voor me heeft gehad. Dat voelt goed.’’ Ze zegt het met een vleugje poëzie: ,,Als een boom zijn bladeren verliest, is hij blij met ieder takje van houvast.’’

Lees meer over het Nationaal Ouderenfonds